Praatpaal

Soms lijkt het alsof het letterlijk op mijn voorhoofd staat geschreven:
‘VVV kantoor’, ‘Landelijk informatiepunt’, of nog erger ‘Praat tegen mij.’ In de supermarkt, op straat maar vooral wanneer ik met het ov reis. Is het mijn lieflijke uitstraling? Rode haar? Grote hertenogen? Ik weet het niet, maar mensen beginnen zo vaak vanuit het niets tegen mij aan te praten, dat ik er inmiddels aan gewend ben.

OV
Zo ook afgelopen zaterdag toen ik bedacht om mijn oma te bezoeken en op de terugweg een rolgordijn op te halen in de Haagse Mega Stores. Een tijdrovende bezigheid met de tram. Nu is die tram niet het probleem maar ik werd al moe bij de gedachte aan alle verhalen die ik ongevraagd zou moeten aanhoren tijdens deze reis. Alle vormen van ov en de bijbehorende haltes zijn namelijk een walhalla voor mensen die hun verhaal kwijt moeten. Ook vandaag is het weer raak. Nog geen minuut sta ik in het tramhokje te wachten als er twee dames op leeftijd naast mij komen staan. ‘Mevrouw is dat tram 16 die daar aan komt rijden?’ ‘Mijn vriendin en ik zijn beide onze bril vergeten.’ ‘Nee mevrouw dat is niet tram 16, maar een tractor.’ is mijn eerlijke antwoord. De dames zien hun kans schoon en steken een heel verhaal af. Helaas niet tegen elkaar maar tegen mij. Tegen de tijd dat tram 16 eindelijk de bocht door komt weet ik dat de dames graag bij de Chinees eten, maar dat de soep van gisteren te zuur was.

Verhaal
Als ik even later in tram 1 stap zie ik het direct. Alle eenpersoonsbankjes zijn bezet. Ik ga op een tweepersoonsbankje zitten. Dat is natuurlijk vragen om moeilijkheden. De dame welke naast mij plaats neemt is net ontslagen, zit emotioneel met zichzelf in de knoop en is nu op weg naar haar broer. Dat ik de gehele reis van drie kwartier lang niets zeg en alleen zo nu en dan uit beleefdheid knik, lijkt de ietwat smoezelig uitziende dame niet eens op te merken. Zij kan in ieder geval haar verhaal kwijt. Ik kan geen kant op.

Informatiepunt
Op de terugweg van mijn oma naar de Mega Stores, waar ik het rolgordijn ga ophalen is het weer raak. Ook nu zijn de eenpersoonsbankjes bezet en gaat er een dame naast me zitten. ‘Rijdt deze tram door naar Scheveningen?’ vragen haar knalroze gestifte lippen mij. Mijn korte ‘ja’ deert haar niet. Ze woont in het oosten van het land, is nu op visite bij familie en op weg naar een museum voor het bezichtigen van een tentoonstelling waar ik de naam direct weer van vergeet. Er volgt een opsomming van alle toeristische bezienswaardigheden die Den Haag te bieden heeft. Een uur, twee kloppende oren en gewapend met een rolgordijn van 1,90 verder stap ik op Den Haag Centraal over op de tram die mij naar huis gaat brengen. Zodra ik het perron op loop zie ik hem al zoekend om zich heen kijken. Er staan nog zeker twintig mensen op de tram te wachten maar deze meneer loopt doeltreffend op mij af. ‘Mevrouw weet u ook welke tram naar Voorburg gaat?’ Ik kijk naar mijn rolgordijn om er zeker van te zijn dat hier niet per ongeluk ‘HTM informatiepunt’ op staat. Tot mijn opluchting blijkt dit niet het geval te zijn en ik wijs meneer het juiste perron.

Eenmaal aangekomen op mijn plaats van bestemming, stap ik de tram uit. Ik snel mij met het rolgordijn stevig onder de arm naar huis. Mijn hoofd naar beneden in de hoop niemand meer tegen te komen. Ik doe de deur open en knal hem achter mij dicht in het slot. Zo, vandaag ga ik echt de deur niet meer uit.